In The Spotlight: Het Hanze Self Driving Challenge team
Voor de website van de Digital Society Hub (DSH) is de rubriek In The Spotlight ontwikkeld: een serie interviews waarin betrokken professionals, onderzoekers en partners hun verhaal delen. In deze editie staat het Self Driving Team centraal: een groep van vijf studenten die werkt aan een zelfrijdende kart en meedoet aan de uitdagende Self Driving Challenge (SDC). In dit project komen technologie, samenwerking en innovatie samen in een praktijkgerichte setting.
Het multidisciplinaire Self Driving Team bestaat uit vijf studenten met verschillende achtergronden binnen IT en softwareontwikkeling: Bart (25, Network & Security Engineering), Stefan (21, IT – NHL Stenden, exchange student), Rutger (33, Software Engineering), Michael (35, HBO-ICT Software Engineering) en Thijs (23, Software Engineering). Buiten hun studie hebben ze uiteenlopende interesses, van wielrennen en wandelen tot klimmen, gitaar spelen en zelfs Dungeons & Dragons.
Wat hen bindt als groep is hun gezamenlijke passie voor technologie en de uitdaging om iets complex werkend te krijgen in de praktijk.
Werken aan een zelfrijdende kart
Binnen de gesloten categorie van de Self Driving Challenge krijgt het team een kart van de RDW, uitgerust met camera’s en sensoren. Het is aan de studenten om de software te ontwikkelen die ervoor zorgt dat de kart zelfstandig kan rijden.
“De hardware is er al, maar wij moeten zorgen dat alles werkt,” legt het team uit. “Van beeldherkenning tot het nemen van beslissingen op de baan: alles draait op de code die wij schrijven.”
Het project is een doorgeefproject, wat betekent dat het team voortbouwt op het werk van een vorige groep studenten. “We zijn begonnen met het begrijpen van wat er al lag en zijn dat nu aan het verbeteren, bijvoorbeeld hoe de kart zijn rijpad bepaalt.”
Hoe werkt de technologie?
In grote lijnen werkt de kart met camera’s die continu beelden opnemen. Deze beelden worden door de software geanalyseerd, zodat de kart lijnen op de weg en verkeersborden kan herkennen en daarop kan reageren.
“Andere teams doen dit niet op deze manier. Wij kunnen op afstand testen en het sneller opnieuw doen.”
Een belangrijk onderdeel van hun aanpak is de simulatieomgeving, gebouwd met onder andere Unreal Engine. “Daarmee kunnen we scenario’s testen zonder dat we fysiek met de kart op de baan hoeven te staan,” vertelt Stefan. “We kunnen verschillende routes simuleren en analyseren waarom iets wel of juist niet werkt.” Wat dit team uniek maakt, is dat zij deze simulatie verder hebben doorontwikkeld.
Blijven verbeteren door te testen
Elke donderdag staat in het teken van testen. “We kijken waar het misgaat en verbeteren dat stap voor stap,” zegt het team. Ze werken in sprints en stellen telkens doelen richting de testmomenten.
Technisch werken ze onder andere met Python en Unreal Engine. Een van de grootste uitdagingen zit in het kalibreren van de drie camera’s op de kart. “Die moeten perfect samenwerken en één consistent beeld vormen. Als dat niet klopt, rijdt de kart niet goed.”
Ook het werkend krijgen van bestaande code was een belangrijke mijlpaal. “We hebben eerst de basis van vorig jaar stabiel gekregen. Daarna zijn we gaan bouwen aan verbeteringen, zoals betere herkenning en betrouwbaarheid.”
Samenwerken als sleutel tot succes
Het team werkt intensief samen en verdeelt taken op basis van ieders expertise. “Iedereen heeft zijn eigen onderdeel, maar we helpen elkaar ook waar nodig,” vertelt Bart. “Sommigen richten zich meer op software, anderen op het koppelen met de hardware.”
De samenwerking wordt gestructureerd aangepakt, met twee vaste momenten per week om samen te komen. “We evalueren continu: wat gaat goed en wat kan beter?”
Wat volgens hen essentieel is voor zo’n team? “Je moet echt interesse hebben in wat je doet. Dat maakt het verschil.”
Leren van begeleiding en vrijheid
Het team krijgt begeleiding van Ronald van Dijk (projectleider SDC), die wekelijks meekijkt met de voortgang en feedback geeft. “Dat helpt enorm,” zegt Stefan. “Hij kijkt van buitenaf en voorkomt dat we in een tunnelvisie terechtkomen.”
Tegelijkertijd hebben de studenten veel vrijheid. “We maken als team zelf de keuzes. Dat maakt het leerzaam, maar ook uitdagend.”
Op weg naar de competitie
De Self Driving Challenge finale vindt plaats op 16 juni en het team is volop bezig met de voorbereidingen. “Testen, testen en nog eens testen,” zeggen ze. “En vertrouwen krijgen in wat we hebben gebouwd.”
De lat ligt hoog: het vorige team won de competitie al twee keer. “Dat maakt het extra spannend. Je weet nooit hoe ver andere teams zijn, maar wij hebben op zich een sterke basis.” Vertelt Rutger.
Wat hun grootste kracht is? “Onze simulatie, de samenwerking en het feit dat we kunnen voortbouwen op vorig werk.”
Leren voor de toekomst
Het project levert de studenten veel op, zowel technisch als persoonlijk. “We werken met technologieën, zoals objectherkenning en lijndetectie, die we anders niet snel zouden gebruiken,” vertelt Bart. Persoonlijk voor Thijs geldt dat hij echt leert hoe je in een team werkt en projectmatig bezig bent. Ook voor hun toekomst is het waardevol.
“Het staat goed op je cv, maar belangrijker: je ontwikkelt vaardigheden die je later nodig hebt.”
Tot slot
Wat het Self Driving Team vooral wil meegeven? “Stap uit je comfortzone,” zegt Stefan. “Veel van wat we hier doen, hadden we nog nooit eerder gedaan.”
Daarnaast raden ze andere studenten aan om een project als dit aan te gaan binnen de DSH. “Het is een toffe omgeving waar je echt kunt leren door te doen.”
Wie meer wil zien van het project kan terecht op de website van de Selfdriving Challenge en voor wie de finalerace live wil volgen kan terecht op het officiële YouTube-kanaal van de Self Driving Challenge.